Naar zes praktijken van kerkzijn

Tot hiertoe richtten we ons op een paar hoofdlijnen van een Bijbelse visie op kerkzijn. Op die basis, vanuit de ‘eerste liefde’, denken we in het vervolg stap-voor-stap na over de praktische invulling van dat kerkzijn. We gaan erop letten wat de gemeente met elkaar doet, als kerk.

De stappen die we zetten brengen ons op zes ‘praktijkvelden’. Met dat woord ‘praktijkvelden’ willen we aangeven dat de gemeente altijd samen iets doet. We zijn samen bezig met ons geloof, met het zoeken, eren en dienen van God, met het helpen en dienen van anderen, met het nieuwe leven dat gevierd en geleefd wordt. Daarin is de kerk lichaam van Christus.

Het geloof is geen theorie, het is een geleefde praktijk. Het is net zo goed iets van onze handen als van ons hoofd. Actief geloven doe je met heel je hebben en houden, verstand en hart, lichaam en ziel, zegt de Bijbel. C.S. Lewis zei eens in antwoord op de vraag wat het belangrijkst is, goede daden of geloof: ‘Het lijkt me zoiets als vragen welke helft van de schaar het belangrijkst is’. Om iets teweeg te brengen heb je beide nodig. Aan geloven moet je praktisch vorm geven.

Het oefenen van het geloof is een grote steun voor gelovigen onderweg. Zo zijn er allerlei goede praktijken, stijlen en rituelen ontstaan. Wij geloven dat het juist in onze tijd belangrijk is die praktijken bewust aandacht te geven. Anders nemen praktijken van de wereld ons leven over. De verlangens van de wereld leiden tot praktijken die van God wegvoeren. De kerk is bedoeld als motor voor het onderhouden van christelijke geloofspraktijken. Ze helpen ons dicht bij God te blijven. Wij moedigen je graag aan om zo tegen de kerk aan te kijken: als een plek waar je geloofsleven de noodzakelijke oefening krijgt.

Geloofspraktijken

Laten we de kerk als oefenplaats zien, als trainingsveld. We kunnen daarop met elkaar gaan trainen. Jonge spieren en stramme botten hebben beweging nodig. De kerk is de oefenplaats van het Koninkrijk van God. Daar kunnen we leren te leven vanuit het geheim van het Koninkrijk van God. Daar wordt ons geloof, onze hoop en onze liefde gesterkt en verder ontwikkeld.

We zien zes trainingsvelden voor ons. Op al die velden kun je oefenen en ontstaan vanzelf geloofspraktijken. Het zijn de volgende:

1. Christus zien en God ontmoeten
2. Vertrouwen op de kracht van genade
3. Toegewijd en heilig leven
4. Leven uit liefde, gericht op gemeenschap
5. Nieuwe levensstijl, als goede rentmeester
6. Dienstbaarheid en leiderschap

Deze zes velden kun je in een cirkel onderbrengen, zoals in de afbeelding. De cirkel bestaat uit twee helften. De ene helft gaat over de dienst aan God, de versterking van het geloof, de andere helft gaat over onze dienst aan elkaar en de wereld. Op al die velden heb je specifieke praktijken, zoals: God naderen, preken, groeien in geloofsvertrouwen, bidden, vergeven, gemeenschapsleven, omgaan met niet-gelovigen, een goed beheer van de schepping, elkaar dienen en op een goede manier leidinggeven. Dat zijn allemaal praktijken van een christelijk leven en er zijn er nog meer. Het zijn stappen die je kunt zetten, overdenkingen en handelingen. Die kun je samen vormgeven, als leden van een gemeente. Dat is precies ook de bedoeling.


Secularisatie

De kerk kent praktijken, de wereld ook. Er wordt op heel wat plaatsen gedaan alsof God niet bestaat. Je kunt aan het werk zijn, bezig in beroep, school of bedrijf zonder dat God ooit ter sprake komt. In een omgeving waar de meerderheid van de mensen niet gelooft, wordt er steeds minder gerekend met mensen die wel geloven.

Dit proces heet ‘secularisatie’, letterlijk: verwereldlijking. Het betekent dat God er niet meer toe doet in hele levensdomeinen. Dat is het gevolg van het handelen van mensen die het geloof in God niet meer onderhouden, ‘er niet meer aan doen’. Geseculariseerde praktijken drukken christelijke praktijken weg: niet meer bidden, niet meer rekenen met een christelijke moraal, niet meer vrij op zondag.

Het is wel goed te bedenken dat ondanks de sterke secularisatie in onze cultuur, mensen nooit geheel areligieus zijn. Er is altijd wel één of ander geloof, een spirituele behoefte, een openheid voor zingeving. Maar toch: een seculariserende cultuur zet de praktijken van het christelijk leven onder druk. Daarom is het blijven oefenen daarvan in de kerk zo belangrijk. Misschien wel belangrijker dan ooit. Bovendien moeten we kritisch kijken naar wat we dan oefenen. Kerk en wereld lopen in elkaar over en vaak genoeg volgt de kerk ongemerkt de seculiere praktijken van de wereld. Ken je daar voorbeelden van?

Daarom: laten we bewust christelijke geloofspraktijken blijven inoefenen. Je kunt de praktijk van geloven ook een liturgie noemen. Dat zijn acties of handelingen die we doen om God te eren. Die moet je bewust leren. Het zijn manieren onszelf met God te verbinden. Dat is een mooie gedachte. In deze liturgie naderen wij God en Hij nadert ons.

Wij onderscheiden twee basisliturgieën, twee groepjes geloofspraktijken: 1. God ontmoeten en onszelf aan Hem toewijden, en 2. met de gemeente God dienen in de wereld. Twee kanten van kerkzijn: lichaam van Christus én gemeenschap van geroepen gelovigen.


Oefenen en bouwen

Een praktijk, daarbij wordt kerk-zijn praktisch gemaakt. Hoe doe je dat dan, Christus vinden, volgen en vertegenwoordigen? Of je nu individueel of als kleine groep deze de inspiratiemomenten van Kerk2030 Momentum volgt, het is aan te bevelen om bij iedere praktijk bouwstenen te bedenken. Bouwstenen zijn bruikbaar, als gelovigen zich als levende stenen willen laten gebruiken (1 Pet. 2: 4-5). Het gaat dus ook over jouzelf en hoe jij het bouwen aan de gemeente voor je ziet. Bouwstenen moeten zo concreet mogelijk zijn.

Bijvoorbeeld: ‘De kerkdiensten moeten anders worden ingevuld’, of: ‘De kring moet veiliger zijn’ zijn mooie intenties, maar niet concreet genoeg. Stel jezelf de vraag hoe je dat doel kunt bereiken. Bijvoorbeeld: ‘De kring gaat in ieder geval 1x per twee maanden eten om meer verbinding te krijgen.’ Of: ‘We willen graag met wisselende groepen de kerkdiensten voorbereiden.’

Bij iedere praktijk is het goed om een of meer bouwstenen te bedenken, voor jezelf, voor de kleine groep of kring en voor de hele gemeente waar je deel van uitmaakt.

Suggestie voor kerkenraden

In geval aan de inspiratiemomenten van Kerk2030 Momentum gemeentebreed wordt meegedaan, volgt hier een suggestie aan kerkenraden voor de concrete verwerking van alle bouwstenen die tijdens het proces worden bedacht. Zorg dat alle bouwstenen centraal worden verzameld. Aan het einde van het proces worden al deze bouwstenen vervolgens geclusterd. Organiseer een stemming over de gemeentebrede bouwstenen. Die kunnen dan richting geven voor de komende jaren als parels en puzzels voor de toekomst van de gemeente. Het mooie van dit proces is dat er niet allerlei ideeën en suggesties bij een kerkenraad worden gelegd, of dat een kerkenraad van bovenaf allerlei vormen gaat uitproberen. Deze bouwstenen komen vanuit de diverse kleine groepen of kringen van de gemeente. Samen bepaal je waar je als gemeente prioriteit aan wilt geven. Want geloven doe je samen!

Terug naar: Geloven doe je samen > Een Bijbelse visie op kerkzijn